Geluid in de film.

 

 

Tijdens de clubavond van 24 februari 2009 is het onderwerp geluid uitgebreid behandeld door de gastspreker Phocas Kroon uit Eindhoven. In onderstaand artikel zijn de door hem gegeven tips met betrekking tot het gebruik van muziek, livegeluid en voice-over samengevat.  

Cameravoering

Beelduitsnede totaal, medium, close-up.

Afwisseling van camera standpunten (voorkomen van springers).

Tussenshots (voorkomen van springers).

Camera bewegingen (pan, tilt, zoom) min 1 sec ‘vast’ bij begin en eind.

Bij pan niet heen en terug (tuinspuiten) wel heen en terug opnemen i.v.m. latere montagekeuze.

Diafragma vast zetten bij tegenlicht  in combinatie met een beweging.

Scherpte instelling in principe overlaten aan de automaat.

Tijdcode eerst op nieuwe tap zetten (t.b.v. shotlist).

 

Montage theorie

Film opdelen in hoofdstukken met begin middendeel en slot.

Montageplan op papier op basis van shotlist.

Handmatig capturen en scène montage volgnummer geven.

Alternatief: ruw materiaal op spoor 1, daarna scènes verplaatsen naar het spoor dat aangewezen is voor een hoofdstuk (b.v. camping op spoor 2, zee op spoor 3 en uitstapjes op spoor 4). Daarna de fragmenten in de sporen zodanig verschuiven dat de juiste montagevolgorde ontstaat en de fijnmontage per hoofdstuk uitvoeren.

Beperkt gebruik maken van effecten.

Shots zodanig monteren dat een goede afwisseling ontstaat van uitsneden en camerastandpunten.

Geluidsmontage

Bij abrupte live geluidsovergangen, geluid in vorige scène al beginnen en/of in volgende scène laten doorlopen.

Bij het uitbalanceren van de geluidsvolumes op de verschillende sporen eerst één spoor op een bepaald volume instellen (b.v. interview of voice-over op –6 dB), waarbij de andere geluidssporen tijdelijk worden uitgeschakeld.

Bij het uitbalanceren gebruik maken van een versterker met redelijk goede geluidsboxen en een hoog volume. De standaard bij Pc’s meegeleverde kleine boxjes of een koptelefoon geven geen goed ‘beeld’ van de eindmix.

Geluidsopname

Cameramicrofoon is alleen geschikt voor opnemen van het omgevingsgeluid (set-noise).

Interview en speelfilm: met losse microfoon opnemen (met mono aansluiting).

Altijd koptelefoon gebruiken ter controle.

Voice-over

Hoe niet:

Opnemen op PC (Akoestisch geen ideale opstelling en last van PC-ventilator).

Opnemen waarbij de commentator live meekijkt naar de lopende film (Alle concentratie op de tekst is nodig, kans op opjaageffect).

Na de eerste take bepaalde tekstblokjes opnieuw opnemen ter verbetering (Kans op hoorbare verschillen)

Hoe wel:

Opnemen in een zo van omgevingsgeluid geïsoleerd mogelijke ruimte.

Opnemen in een ruimte met zo weinig mogelijk galm (gordijnen, open kleerkasten).

Opnemen met losse microfoon aangesloten op de camera (niet met ingebouwde microfoon i.v.m. kwaliteit en camerageluid) of digitale geluidsrecorder.

In één take alles opnemen en bij fouten vanaf begin van het tekstblok opnieuw voorlezen.

Niet te snel lezen.

Luister zeer kritisch mee met de koptelefoon.

Tips

Proefopname en montage om o.a. tekstlengtes te controleren voordat de gastspreker wordt uitgenodigd om in te spreken.

Maak bij het schrijven van de tekst een keuze tussen persoonlijk of onpersoonlijk vertelperspectief.

Persoonlijk: er is een ik/wij figuur die de kijker meeneemt, mening komt duidelijk naar voren, minder afstandelijk, kijker meer betrokken.

Onpersoonlijk: uitsluitend feitelijke info, kijker wordt op afstandelijke wijze geïnformeerd.

Overweeg vooraf of een vrouwenstem of mannenstem past bij je thema.

Maak bewust een keuze tussen spreek- of leestaal.

Schroom niet om regieaanwijzingen te geven, de spreker is je er later dankbaar voor.

Als de film over een persoon gaat: voice-over in interview vorm.

Muziekkeuze

Algemene adviezen       

Kies geen te bekende muziek. Kijkers gaan in zichzelf meeneuriën en worden daardoor afgeleid.

Vermijd gezongen muziek onder gesproken live- of toegevoegde tekst.

Dit beïnvloedt de verstaanbaarheid omdat je naar twee teksten tegelijk luistert.

Als je voor gezongen muziek kiest, controleer of de tekst niet heel iets anders zegt dan de beelden laten zien.

Kies het juiste tempo van de muziek bij het tempo van de beelden.

Meestal wordt een langzaam tempo gekozen bij algemeen ondersteunende muziek bij documentaires.

Wil je ontroering uitdrukken, kies dan een langzaam tempo en gevoelige instrumenten of stem.

Indeling in muziek categorieën 

Algemene instrumentale muziek (klassiek).

Solo instrument (piano, klavecimbel, viool, cello, hobo, gitaar) met orkestbegeleiding.

Orkest in kleine bezetting (kwartet, kamerorkest).

Algemene instrumentale muziek (populair)

Solo instrument (piano, gitaar, trompet, mondharmonica, accordeon) al of niet met orkestbegeleiding.

Niet te groot of luidruchtig orkest.

Combo.

Jazz formatie (dixieland of modern).

Synthesizer.

Thematische muziek

Muziek uit het land waar de film over gaat

Muziek uit de tijd waar de scènes over gaan

(Middeleeuwse muziek, Salonmuziek, Boogie woogie, Charlston)

Gezongen muziek met tekst die betrekking heeft op de scenes

Melancholische- of rouwmuziek (in mineur)

(Requiem, Blues, Trage moderne Jazz)

Spanning / suspence

Eigen muziek

Speciaal voor jouw film gecomponeerde- en uitgevoerde muziek

Op computer gemaakte muziek (Acid Music)

Hoe kom je aan de muziek die je in gedachten hebt

Uit een bibliotheek met CD collectie. Neem hiervoor de tijd, zoek en luister ze af voordat je ze meeneemt. Laat je adviseren door het in het algemeen goed in muziek opgeleide personeel van de muziekafdeling van de bibliotheek.

Als je op radio of TV een goed muziekstuk hoort: direct de gegevens noteren of in gids, teletekst of internet gegevens opzoeken.

MP3 files op internet (www.freeplaymusic.com)

(wel omzetten naar .wav files !)

Muziekmontage tips

Verdeel de muziek over de film.

Voorkom dat vanaf het begin van de film tot het einde muziek te horen is.

Probeer het geluidsdraaiboek zo op te zetten dat de muziekpassages worden afgewisseld met live geluid.

Bij films met ingesproken commentaar enkele commentaarblokken zonder muziek.

Laat muziek beginnen na het “intro” en met laatste noot eindigen bij einde film.

 

Vaak werkt het sterker als je de muziek inzet na het intro. Wat ook goed werkt is als je de intro zacht laat beginnen onder het live geluid of tekst van de voorgaande scènes en snel opfade bij het begin van de scène waarvoor de muziek bedoeld is.

 

Laat muziek eindigen bij einde van een subonderwerp en zeker bij einde van de film. Kies daarom muziek met een goed einde (geen uitfade).

Het is ook heel verzorgd als je het begin van de muziek laat starten bij het begin van een subonderwerp en het einde van de muziek ook laten eindigen bij het einde van het subonderwerp. Zet de muziek dan op twee sporen met op een spoor het begin bij het begin van het subonderwerp en op het andere spoor het einde van de muziek bij het einde van het subonderwerp. Als ergens in het subonderwerp een voice-over tekst of stevig livegeluid hebt maak je daar een muziekovervloeier van het ene naar het andere spoor.

Speelfilm

Voorbereiding

Scenario: verhaallijn met wendingspunt na de opening als intro van de ontwikkelingen en een wendingspunt als aanleiding voor de afsluiting.

Draaiboek (wel of geen cameraposities en kaders in draaiboek)

Spelers selecteren

Locaties zoeken

Opnamen plannen

Opnamen

Crew:

Spelregisseur

Cameraregisseur (geeft aanwijzingen aan de cameraman en controleert op een monitor)

Cameraman (opnemen met meerdere camera’s niet aan te bevelen)

Geluidsman

Lichtman (niet verlichten maar belichten)

 

Methode 1: complete reeks scènes vanuit verschillende camerastandpunten en kaders opnemen en later bij de montage door elkaar monteren. (meer kans op continuïteitsfouten, maar spelers kunnen beter ‘doorspelen’ en volledige vrijheid bij de montage)

 

Methode 2: iedere scène vanuit gewenst camerastandpunt en kader apart opnemen.

 

 

Heeft u ook een goede tip of truc laat het ons weten en klik op contact.